Italië 2011

Hoe een stedentrip kan uitlopen op een rondreis

Al lang stond een stedentrip Rome op het verlanglijstje en in 2011 moest het er maar eens van komen.

Samen met schoonzus en zwager zou het net als vorig jaar weer een stedentrip worden. Klein obstakel, schoonzus heeft nog nooit gevlogen

en is dat ook (voorlopig) niet van plan. Nu vind ik autorijden nog steeds leuk en het is daarmee ook onderdeel van een vakantie, maar om nu

voor 3 dagen Rome heen en weer te rijden vind zelfs ik een beetje te gek. Omdat het voor de familie de eerste Italiëreis is, is het ook geen probleem wat tussenstops te maken. Naast Rome hadden Jannie en ik eigenlijk zelf nog maar een wens voor deze reis; een bezoek aan Pompei en de Vesuvius. Zo kwam al snel het plan op tafel met stops in/bij Toscane, Rome, Napels en het Gardameer.

Omdat we al eerder een goede ervaring hadden opgedaan met de route naar Italië via Bern besloten we ook dit keer dezelfde weg te volgen. Dit ondanks goedbedoelde adviezen van collega’s die altijd via de Gotthardtunnel reizen.

Door op de foto's in het verslag te klikken kun je de foto's groter bekijken.

Heb je vragen over deze reis en/of de foto's, neem dan gerust contact met mij op via e-mail: info@arievanhensbergen

 

zondag 28 augustus Ede - Bern

 

Om kwart over acht ‘s morgens vertrekken we richting onze eerste overnachtingsplaats, net voor Bern, hotel Grauholz Best Western. Een relaxed ritje met een paar rustige stops. Om 16.00 uur komen we bij het hotel aan. Het is gelegen aan de parkeerplaats Grauholz aan Autobahn A1, Ittigen/Bern.

Een parkeerplaats met een groot restaurant (terras) en wat winkels. Op de parkeerplaats is een afslag naar het hotel dat ongeveer 200 meter van de parkeerplaats zelf ligt. Het hotel, waar we al eens vaker overnacht hebben, heeft ruime schone kamers, tuin met terras en wat kinderspeeltoestellen.

Gasten kunnen de hele dag gratis, koffie/thee (inclusief koek) en vruchtensappen pakken. Het hotel is alleen ingericht voor ontbijt in buffetvorm.

Lunch of diner kun je in het restaurant van de parkplaats gebruiken. Zwitserland is niet goedkoop. Pinnen kun je in euro’s of Zwitserse franken. Het is ter plekke moeilijk in te schatten wat het gunstigst is. Dit is iets om thuis alvast te bekijken.

Verder kun je vooraf plannen wat langer door te rijden en dan een hotel op te zoeken.

Al onze hotels deze reis hebben we ruim van te voren geboekt via Booking.com. Boeken via deze website doen we al jaren en steeds tot volledige tevredenheid. Mogelijk zijn er via andere boekingssites af en toe wat gunstiger prijzen te vinden. Maar wij gaan voor zekerheid.

 

maandag 29 augustus Bern - San Miniato

Avond valt San Miniato

Op tijd opstaan, lekker ontbijtje buiten op het terras en vertrek richting Bern. Via het meer van Geneve rijden we richting de Grote Sint Bernardtunnel. Mooie route. Geen wachttijden bij de tunnel en na betaling van de tol rijden we via de tunnel Italië in, de TomTom leidt ons via Genua. Bij Genua is het altijd vrij druk. Tunneltje in, tunneltje uit rijden we richting Pisa. Daar gaan we van de tolweg af en rijden richting Florence (90 km weg). Als we afslag San Miniato nemen is het nog 10 minuten naar ons hotel. Via een paar haarspeldbochten rijden we het kleine stadje in. San Miniato ligt op een heuvel. Vrij snel zien we het hotel met de naam (hoe kan het ook anders) San Miniato aan de linkerzijde. Het is een voormalig klooster. Het is niet zo lang geleden volledig opgeknapt. Een eigen parkeerplaats op de binnenplaats. Eerst moeten we wat passagiers en bagage uitladen om de laaghangende auto veilig over de knik tussen de poort te loodsen. Aan de receptie een vriendelijke Engelssprekende man. Onze paspoorten worden gekopieerd en we krijgen de sleutels. In de reviews op Booking.com komen negatieve reacties voor m.b.t. het diner in het hotel. Inmiddels blijkt het hotel dit niet meer aan te bieden. Geen probleem want op een paar minuten lopen zijn een aantal leuke restaurantjes.

Onze kamers liggen op de 2e verdieping met uitzicht over het gebied tussen Pisa en Florence. Ze zijn schoon, ruim, licht en voorzien van een minibar. Hetzelfde geldt ook voor de badkamer, al zit daar geen minibar in.

De douchecabine had iets ruimer mogen zijn. Maar het geheel is uitstekend. Aan het eind van de gang een deur die naar buiten leidt op de gerestaureerde toren. Ook vandaar een fantastisch uitzicht rondom. Een verdieping hoger is een wellnessruimte waar we geen gebruik van hebben gemaakt.

Tegen etenstijd gaan we op zoek naar een restaurantje. Even wennen aan de etenstijden in Italië. We zijn te vroeg. Dit geeft ons wel de gelegenheid het stadje te bekijken. Er loopt slechts een enkele toerist. Een bewoner verwijst ons naar een plein, daar staat inderdaad een markant gebouw. Op het hoogste punt van de heuvel staat een uitkijktoren. De toren is 's avonds gesloten.

We gaan naar restaurant Miravalle dat bij een hotel hoort. We zijn de eerste gasten en worden verwelkomd door een in het wit geklede ober in een soort zeemansuniform. Van de, uitsluitend in Italiaans geschreven, kaart worden we niet echt wijs. De keuze valt op een 3 gangen menu. Het is niet slecht maar ook niet bijzonder. Op tijd gaan we terug naar het hotel en na deze wat langere reisdag slapen we goed.

 

dinsdag 30 augustus Pisa - Lucca - Collodi

 

Het ontbijt is een verrassing. Niet zo zeer het buffet zelf, dat niet zo uitgebreid maar zeker wel goed en voldoende te noemen is, maar de entourage. De ontbijtzaal blijkt de voormalige kloosterkerk te zijn. Gerestaureerd met oude muurschilderingen en schilderijen. Originele vloer. En als toefje op de taart op de achtergrond klassieke koormuziek. Een bijzondere en unieke sfeer. Er staat onder meer koffie, maar cappuccino wordt op aanvraag gebracht.

Toren van Pisa

Het is niet echt druk in het hotel er zijn een paar zakenmensen. Dat verbaasd ons omdat het hotel toch redelijk centraal ligt. (40 km van Pisa en 40 km van Florence).

Vandaag staan in iedergeval Pisa en Lucca op het programma. Op de TomTom kiezen we een straat in de buurt van het plein waar de toren van Pisa staat. We willen uiteraard zo dicht mogelijk erbij parkeren. De straat blijkt niet gunstig te zijn gekozen en blijkt half Pisa te doorkruizen. We negeren de opdrachten en rijden op gevoel de stad door. Als we denken dat we verkeerd zitten doemt het puntje van de toren op en tegelijk een verwijzing naar een parkeerplaats. Onder het viaduct door, kleine rotonde rond, parallelweg op (Viale delle Cascine) en we komen op een parkeerplaats, piazza Andrea del Sarto (betaald) bij een supermarkt. Ruimte genoeg. In de supermarkt kopen we wat flesjes water. Daarna is het nog 10 minuten lopen naar het plein. We zijn niet de enige die het plein bezoeken. Maar dat is hier waarschijnlijk elke dag zo. Het zonnetje brandt er lekker op los. We slenteren al fotograferend langs de kerk en toren. En geven uiteindelijk toe aan wat de meeste toeristen doen; een foto waarbij iemand met zijn hand de toren tegenhoudt. We worden regelmatig gevraagd een foto van een stelletje of groepje te maken. Settelen ons op een terrasje net buiten het plein. Verwonderen ons over het inparkeren van een dame. De lengte van de auto is groter dan de beschikbare ruimte, maar ze krijgt de auto er toch tussen! Een handelaar uit Nigeria probeert zijn kettingen te verkopen. Hij is vriendelijk en wij wimpelen hem net zo vriendelijk af totdat hij zijn verkoopkunsten toont. Vraagt waar we vandaan komen, en roept dan de namen van een aantal Nederlandse voetballers. Lachend geeft hij ons allemaal een kleien kralenarmband. Spontaan geven we hem wat Euro’s. We volgen hem als hij bij onze buren uit Italië, dezelfde truc uithaalt. Maar dan met namen van Italiaanse voetballers. Fotograferend lopen we terug richting auto. Bij de supermarkt slaan we nog wat grote flessen water in.

Airco aan en we rijden naar Lucca. We vinden een parkeerplaats vlak bij het station en lopen via een doorgang in de stadmuur het stadje binnen. Zonder vastgesteld doel verkennen we het stadje. Van ons vorig bezoek kennen we een kerktoren met uitzicht over Lucca. We maken de klim op het smalle trapje en genieten van het uitzicht over de rode daken van Lucca, de bergen op de achtergrond. We worden bekeken door toeristen vanuit een andere kerktoren; er groeien bomen bovenop. Na de sfeer te hebben geproefd, natuurlijk lang niet alles te hebben gezien, rijden we door naar Collodi. Naast het Pinociopark, de schrijver Collodi zou hier zijn verhaal hebben geschreven, ligt een villa met een grote tuin.(Giardino di Villa Garzoni) Ook deze hebben we een aantal jaar geleden eerder bezocht. Na zo’n dag blijken de steile trappen en heuvel een lastige barrière. Nieuw is de vlinderhal. Niet zo heel groot, maar met mooie bloemen en planten en natuurlijk vlinders. Op het terrasje bij de uitgang genieten we na met een ijsje. Omdat we nog wat van de omgeving willen zien rijden we binnendoor terug. In het hotel rusten we een uurtje en gaan op stap naar een traditioneel restaurantje. Een aantal oldtimers maken een toerritje ondermeer door San Miniato. Bij de receptie krijgen we een tip voor een traditioneel, lokaal restaurant. We zijn, voor Italiaanse begrippen, weer redelijk vroeg en zijn de eerste gasten in het restaurant. Het lijkt meer op een kleine huiskamer met wat tafels. Aan de wand oude foto’s. De kaart is traditioneel. De gastheer probeert met een paar woorden Engels de Italiaanse kaart uit te leggen. We begrijpen wel dat er veel streekgerechten op staan. Altijd leuk om wat te proeven. Als we het opgediend krijgen fronsen we even onze wenkbrauwen en na een eerste hap wordt het er niet beter op. Op ons bord ligt een, voor ons gevoel rauw stuk vlees, waarvan de randen knapperig gebakken zijn. Een doordringende geur van truffels stijgt op. Dit schijnt lekker te zijn. Achteraf zoeken we het na in reisgidsen bij gerechten; met truffel moet je zuinig omgaan. Het vermoeden is dat de kok in zijn enthousiasme teveel truffel op het gerecht heeft gestrooid. De witte truffel uit de heuvels rond San Miniato schijnt bekend te zijn. We hebben het geproefd en opgegeten. Maar het is niet ons gerecht. Buiten spoeden we ons naar de gelaterie, waar het onwijs druk is, en trakteren ons op een extra groot ijsje. Het is donker als we bij ons hotel aankomen. De geur van truffel zal ons nog dagen achtervolgen.

 

woensdag 31 augustus Florence en Bobolinituinen

 

Florence

Een vroeg ontbijtje want Florence staat op het programma. Omdat we mogelijk nog een tuin buiten de stad willen bezoeken en eigenwijs als we zijn besluiten we, alle waarschuwingen in reisgidsen te negeren en toch met de auto te gaan. We rijden vlot de stad in, maar zodra de snelweg versmalt tot twee en daarna een baan lopen we vast. We willen best een eindje lopen dus zoeken naar een parkeerplaats net buiten het centrum. We volgen borden richting P, die op z’n Italiaans opeens niet meer verschijnen en ons en de TomTom meermaals in verwarring achterlaten in de stad met zijn vele éénrichtingsstraten. Waren we toch maar….Opnieuw zetten we ons richtingsgevoel in en gaan opzoek naar de parkeergarage bij het station. Tussen de krioelende scooters vinden we onze weg en komen om 10.45 uur uit in een grote parkeergarage bij het station van Florence. (Park Stazione S.M.N., 24 uur per dag geopend) Van hier uit is het de straat oversteken en vrijwel direct sta je in het historische centrum. We slenteren door wat straten, en over pleinen, bekijken wat kerken van buiten en vallen neer op het terras van een Ierse pub, dat o.a. een hamburgermenu aanbiedt tegen een redelijke prijs. Af en toe verstoort een toeter van een paardenkoets die tussen de toeristen door laveert het gekakel op het plein. De koetsier bedient de toeter met de voet. We moeten nog erg wennen aan de zon en warmte. De hele reis komt de dagtemperatuur niet onder de 30 graden.

We lopen naar Ponte Vecchio. Van een afstand leunen we over de kademuur en bewonderen de zoveel besproken brug. Worden we kritisch of hebben we teveel gezien? De brug is apart maar bijzonder?

De familie wil graag naar het museum. Wij daarentegen willen graag iets meer van de stad zien. We spreken af dat ze ons bellen als ze uit het museum komen. Wij lopen langs de wachtrij bij de ingang van het museum en steken de brug over. Op zoek naar een leuk plekje om wat te drinken. We zitten bij het raam, kijken op de brug en zien op de andere oever de familie tussen het publiek struinen. Later blijkt de wachttijd bij het museum bijna 2 uur te bedragen. We bellen ze en zwaaien. Intussen zijn we er achter dat een cappuccino met bediening bij het raam ruim € 4,50 gaat kosten, we gaan aan de bar zitten en krijgen eenzelfde kopje voor € 1,50.

Boboli tuinen

En vers geperste sinaasappelsap. Ondertussen is de familie aangeschoven. Na de koffie gaan we weer op pad. Voor de deur wil ik nog een politiestelletje fotograferen. De één schudt hevig nee dus laat ik dat maar achterwegen. We gaan op weg naar de Boboli tuinen. De ingang is bij het museum. ( Palazzo Pitti Giardino) Het entreekaartje (€ 9,- 2011) geeft toegang tot de Boboli tuinen, het kostuummuseum, het porselein- museum en de Bardini tuinen. Bij de ingang staat een meer dan levensgroot modern beeld van een geblokte man. Leuk fotomomentje dat echter verstoord wordt door een man die uitgebreid tegen het beeld hangt om te zonnen. Veel toeristen staan te wachten en te zuchten in de hoop dat hij zijn plek verlaat. We krijgen de indruk dat hij dit weet en blijft zitten uit baldadigheid. We zetten hem in close up op de foto en gaan de tuin in.

Ook deze tuin/park ligt tegen de helling van een heuvel. Verwacht hier geen bloeiende planten. Het mooie is toch wel het hoogteverschil en de uitzichten over Florence. Slingerend over paadjes en af en toe een trap komen we langs fonteinen. Op de top van de heuvel staat een porselein- museum. Entree inbegrepen. Ook niet zo heel groot maar wel leuk om rond te kijken. Vandaar ook een fraai uitzicht over het Toscaanse land met de olijfbomen.(zie de grote foto bovenaan deze pagina) In een van de weinige schaduwplekjes buiten het museum rusten we wat.

Afdalen gaat wat makkelijker zeker als we dit in de schaduw van de bomen langs het pad doen. We gaan op zoek naar de grot waar veel over gesproken wordt. Een hek sluit de grot af. Er komt een gids aan die elk uur het hek van de grot opent. We waren dus mooi op tijd en kunnen de aangelegde grot van binnen bewonderen. Beelden en plafondschilderingen. De zon staat al wat lager als we het park uitkomen. De zonaanbidder bij het beeld heeft zijn plek verlaten en we maken nog wat foto’s zonder toeristen. Een meisje neemt dezelfde houding aan als het beeld en dat geeft juist de grootte van het beeld goed weer. (klik op het kleine fotootje voor de dagaanduiding)

Op een terrasje vullen we ons vochtgehalte weer wat aan. We vinden onze weg naar de auto. Om 18.30 uur rijden we de parkeergarage uit. We betalen

€ 24, -. De stad uit rijden gaat aanzienlijk sneller dan binnenrijden. In het hotel ploffen we op onze bedden voor een uurtje rust. Er moet weer gegeten worden, dus de vraag is waar. Fris lopen we weer door het stadje, de temperatuur is nog steeds ruim boven de 20 graden. Een keer naar de pizzeria. Een kok met wat vettig sluik haar, maar met een wit petje op, staat een sigaretje te roken voor de deur. We worden vriendelijk begroet. Binnen is het behoorlijk warm door de ovens. Ook hier een vriendelijk ontvangst. Beetje jammer is de kille verlichting. Met een beetje Engels ontvangen we een toelichting op de kaart. De kok gaat aan het werk. Geregeld komen er mensen aan de balie voor een afhaalpizza.

Er zit een groep met geestelijk gehandicapten aan een lange tafel. Geen probleem voor het restaurant. Als ze weggaan, benadrukt de leiding van de groep de fijne ontvangst en vraagt of ze nog een keer kunnen komen. Natuurlijk. We krijgen ons eten, zo smakelijk hebben we de afgelopen dagen niet gegeten. De echte Italiaanse kok, zo uit een film weggelopen en de vriendelijke bediening maken het helemaal af. We zitten goed en nemen een toetje en daarna koffie. Een welgemeende fooi is op zijn plaats. Hier komen we terug.

 

donderdag 1 september Sienna

 

Sienna

We gaan wat later op pad. Eerst rustig een ontbijtje. Vanaf het torentje bij het hotel kijken we hoe de postbode/vrouw op de scooter de post rondbrengt. Daarna vertrekken we richting Sienna. De TomTom staat op ‘binnenwegen’. Af en toe kiezen we zelf een weg die ons leuk lijkt. Door een mooie streek met veel uitgebloeide zonnebloemen slingeren we richting Sienna. Af en toe een fotomomentje. Veel wielerploegen trainen in dit heuvelachtige landschap. We zien een 3-tal wielrenners in stevig tempo vlak achter een ploegenauto rijden. Het lijkt alsof ze aan de auto vastgeplakt zitten. Verwonderd kijken we ze na en vragen ons af wat er gebeurd als de auto plotseling moet remmen.

Sienna ligt op een heuvel. We rijden zover mogelijk omhoog en vinden een parkeergarage die net binnen de stadsmuur ligt.

De parkeerwachter helpt ons op weg richting het centrum. Ook hier houdt de bewegwijzering ineens op. Op het plein is het bloedheet. Mensen zoeken wat verkoeling in de schaduw langs de rand. September, je zou zeggen naseizoen, maar ook hier blijkt dat wat wij naseizoen noemen, in Italië nog gewoon hoogseizoen is. We eten een lekker broodje op een klein terrasje in een zijstraatje en bewonderen een fraaie witte kerk die nu eens niet in de steigers staat. Terug rijden we binnendoor langs vers geploegde akkers in de Toscaanse heuvels. We hebben weer een uurtje om te slapen. Over het restaurant zijn we het snel eens; het wordt weer de pizzeria. We zijn als gasten blijkbaar goed bevallen, de kok brengt ons een gratis voorafje uit de oven. We eten weer heerlijk en nemen er uitgebreid de tijd voor. Bij het hotel genieten we nog even van het uitzicht vanaf het torentje. Flonkerende lichtjes in de verder donkere avond.

 

vrijdag 2 september San Miniato - Anguillara Sabazia

 

Op een normale tijd zitten we aan ons ontbijt. Vandaag verplaatsen we ons richting Rome. Er leiden meerdere wegen naar Rome, wij hebben afgesproken dat we niet via de autostrada rijden maar via de weg langs de kust.

Wij rijden eerst in de richting Pisa om daarna via de S1 richting zuiden af te zakken. Het eerste stuk krijgen we de zee niet te zien. Maar bij xxrijden we al slingerend (de weg) langs de kust Porte Ercole voorbij. Jammer genoeg hebben we geen tijd, of beter, gunnen we ons geen tijd om daar even een kijkje te nemen.

We maken een stop in een kustplaatsje en lopen even af naar de rotsachtige kustlijn. Cactussen en de Bougainvillea bloeien. Een handje vol mensen ligt al diep zongebruind, gestrekt over de rotsen. Zou dat nu echt lekker liggen?

In de auto gooien we de airco op volle toeren. We buigen van de kustweg af het binnenland in richting het meer. De TomTom weet hotel Massimino te vinden. Het ligt ongeveer 3 km van het meer aan een lange weg dit het stadje Anguillara Sabazia uitloopt. We hebben voor dit hotel gekozen omdat het ongeveer 20 km buiten Rome ligt. Hierdoor zijn de kamerprijzen een stuk gunstiger. Bij het hotel is het rustig. Het is van buiten pas opgeknapt en nog niet zo lang gelden is de nieuwe hal met receptie en lift gebouwd. We worden vriendelijk ontvangen door een van de eigenaren die een paar woordje Engels spreekt. Later blijkt zijn naam Ottavio te zijn.

Dit is het eerste hotel waarbij iemand meeloopt en ons de kamers laat zien. Hij legt uit hoe de airco werkt in combinatie met de tv. Als je de airco namelijk aanzet springt ook de tv aan die je dan met de ander afstandsbediening weer kunt uitzetten. Hij laat ook het groot aantal zenders zien (waaronder het Nederlandse BVN) maar zijn voorkeur gaat duidelijk uit naar de vele voet-balzenders.

De kamers in dit gedeelte van het hotel zijn niet nieuw meer, maar wel ruim en schoon. (er is een nieuwer gedeelte) Er is een koelkastje met 2 flesjes water die je zonder kosten kunt gebruiken, een minibalkon zonder stoelen en een lichte badkamer. Het lampje in het badkamermeubel kon blijkbaar niet vervangen worden en daarom ligt bovenop een losliggende kleine tl armatuur. Vanuit de badkamer en het balkonnetje heb je een uitzicht over het achterland. We laden de bagage uit en zetten de auto in de parkeergarage van het hotel. We vragen naar de dinerkaart. Die gaat hij voor ons halen uit het restaurant. De namen van de gerechten hebben ook een Engelse vertaling. We hoeven er niet lang over na te denken, hier gaan we vanavond eten.

We vragen nog even naar de treinverbinding met Rome. De trein rijdt meestal 2 keer per uur, in de daluren 1 keer. De reistijd bedraagt 45 min. Hij geeft ons wat kopieën van een reisoverzicht met tijden en stations en legt uit waar we het best kunnen uitstappen. Heel eenvoudig. Het station zit volgens de enthousiaste Ottavio op 3 min. Later tellen we zelf 6 minuten lopen.

 

Het is mogelijk bij de kiosk een dagkaart aan te schaffen. Retourtje trein, gebruik van bus en metro voor slechts € 6,00 (prijs september 2011) per persoon.

We lopen naar het station om alvast de kaartjes voor de volgende dag aan te schaffen. In de kiosk spreken ze geen Engels, maar duidelijk herkenbaar als toeristen heeft de man geen moeite te begrijpen waarvoor we komen. Een bruidspaar met gevolg rijdt al toeterend door de hoofdstraat richting kerk. In de hal van de receptie van het hotel staan 2 laptops met internetverbinding en een printer. Je mag hier gratis gebruik van maken. Even een mailtje naar het thuisfront en een snelle blik op het Nederlandse nieuws. Een uurtje rust en een lekkere douche voordat we om half 8 gaan eten. We zijn bijna weer de eerste. Het restaurant voldoet wel enigszins aan de beschrijving van de recensenten op Booking.com. De tv staat aan met een liveverslag van een regionaal voetbalduel. De verlichting in het restaurant is wat koel. Maar dat is dan ook het enige ‘minpuntje’.

Ottavio gaat ons die avond persoonlijk bedienen. Een keuze uit de menukaart is snel gemaakt, geen voorgerecht dit keer. Er moet ruimte overblijven voor de toetjes die we al op de kaart hadden zien staan.

Na 10 minuten komt Ottavio terug met een schaaltje Bruschetta; warm brood met pesto en tomaat; “van het huis” (maar dan op z’n Italiaans). Zo hebben alvast wat te eten voordat onze hoofdgerechten komen. Heerlijk.

Lege borden worden weggehaald door een jongen die helaas geen Engels spreekt maar heel vriendelijk is. Het wordt steeds drukker in het restaurant. Via een zijdeur komen geregeld mensen bij de balie een pizza afhalen. We wennen snel aan de kakofonie van geluiden van luidruchtig pratende Italianen en de opgewonden verslaggever van de voetbalwedstrijd. Het heeft wel wat. Als je van absolute rust houd dan is dat wat minder, maar dan ga je gewoon wat vroeger eten.

 

zaterdag 3 september Rome

 

Wie anders dan Ottavio begroet ons enthousiast bij het ontbijt. We zijn vroeg omdat we de trein van 7.50 uur willen nemen. We vragen of hij de baas/ eigenaar is. Hij en twee andere broers blijken gezamenlijk eigenaar te zijn. Een andere broer zien we later nog bij het avondeten maar zelf krijgen we de indruk dat Ottavio het meeste werk verricht. Het buffet is niet gigantisch maar er is meer dan voldoende. Het enige dat wij hier missen is gewone kaas. (wel smeerkaas.)

We moeten ons nog wat haasten om de geplande trein te halen. Zoeken op het perron een stempelautomaat die het wel doet. Als snel kondigt een ratelende bel (zoals je vroeger in brandweerkazernes had) de komst van de trein aan. Met de drukte valt het wel mee.

De trein stopt wel een keer of 6 (vandaar ook de reistijd van 45 min). Bij elke stop komen er meer mensen bij die richting Rome gaan. Op een station met overstappunt naar de metro is het een stuk drukker.

Omdat we in Rome beginnen bij de Sint Pieter stappen we ook uit op het station Sint Pieter.

Schuin links zien we de koepel van de kerk al liggen. We slingeren een beetje links rechts door de straatjes, steken een doorgaande weg over en lopen binnen 10 minuten het plein op. Mijn eerste indruk is dat het kleiner is dan ik had verwacht. Er lijkt al een aardige rij te staan voor de ingang vn de Sint Pieter. Geen kassa, de kerk is gratis toegankelijk. 4 controlepoortjes staan open; bagage op de band. Verderop wordt een blik op de kleding geworpen. Korte broeken, rokjes en blote schouders zijn niet toegestaan. We zijn voorbereid en hebben afritsbroeken aan. Twee man van de Zwitserse Garde staan in een gang. In een slang van mensen bewegen we ons tegen de klok in door de kerk. Het interieur is nog bombastischer dan ik had gedacht. Grote beelden, prachtige plafondschilderingen en mozaïeken. Bij de grafkelder veel bladgoud. Vooral de eerste 80 m na binnenkomst wordt het publiek vriendelijk gemaand door te lopen. Ieder van ons neemt in zijn eigen tempo de indrukken op. Hoog boven ons in de koepel zien we mensen lopen. Daar willen we ook nog wel even heen. Van boven een mooi gezicht op de kerk. Via een smal paadje dat met de vorm van de kopel meebuigt en waarbij je enigszins schuin loopt komen we op het dak. Hier heb je een prachtig overzicht over het plein en de stad. En aan de andere kant het Vaticaan. Beneden lezen we in een zijgang een tableau met de namen van alle pausen. Via de deur met koperwerkbeslag, dat de meest verschrikkelijke taferelen uitbeeld, zijn we weer buiten.

De looproute is naar rechts en bij de poort staat weer de wacht van de Zwitserse Garde. Die willen we natuurlijk even vastleggen. Een man niet in uniform blijft langdurig en met zijn rug naar het publiek met een van de wachters praten. Af en toe omkijkend naar het publiek dat hier en daar laat merken te wachten op zijn vertrek zodat er een leuk plaatje geschoten kan worden. Ik loop van rechts naar links langs het hek om de man uit beeld te krijgen. Door een glazen deur links van me zie ik een man in uniform en met een speer zich klaarmaken. Wisseling van de wacht? Het is bijna 13.00 uur.

Ik waarschuw de anderen en we kiezen vast positie. Inderdaad wordt deze persoon door een van de bewakers opgehaald en met wat gedraai wordt met de ander van plaats gewisseld. Deze wordt naar binnen begeleid. Kwestie van snel afdrukken want het geheel duurt nog geen 3 minuten.

Als we van het plein af zijn vallen we zuchtend op een stenenbankje neer, lurken aan de waterflessen en ritsen de broekspijpen af. Het is 34 graden. Op naar het Coloseum. Al wandelend over een brug bij Castel Sant Angelo zien we een kleine rondvaartboot zijn weg zoeken. Door de lage waterstand is er niet veel ruimte.

Een restaurantje op de hoek nodigt ons uit, toch maar niet buiten zitten, veel te warm. Binnen is het ook warm, eerder verhit, maar dat komt door de verhouding medewerker met zijn baas.

Eten is redelijk betaalbaar, drank wat duurder. Een straatventer met een bord horloges wil even naar de wc. De man die waarschijnlijk ook niet veel Italiaans spreekt wordt de deur gewezen. Wij en ook hij komen erachter dat hij wel binnen mag komen maar zijn bord met horloges (onbeheerd) buiten moet laten staan. Hij moet nodig en kiest daar toch voor. Afgekoeld gaan we weer op pad, omdat we toch wat van de stad willen zien kiezen we niet voor de metro.

Via de restanten van Forum Romanum zien we het Coloseum al liggen. Straatartiesten proberen een graantje mee te pikken van de veelal rood aangelopen toeristen. De standjes met flessen water doen goede zaken. Een uit Ben Hur overgelopen stel, getooid in originele Romeinse kleding gaat tegen betaling met je op de foto. De entree van het Coloseum is € 12, - per persoon (2011), het kaartje is wel 2 dagen geldig. Er staat een redelijke wachtrij. Suppoosten komen langs de rij, voor € 15,- per persoon extra hoeft je niet te wachten. Of dit een standaard procedure is of dat het hier gaat om bijverdiensten van de mannen wordt niet duidelijk. We wachten gewoon een klein kwartiertje. Via de wandelroute starten we bovenin het Coloseum en zakken zo af naar de binnenplaats. De zon staat al wat lager en er komt een mooie gloed over het stenen bouwsel. Leuk om gezien te hebben. De buslijn die ons naar station San Pedro zou moeten brengen kunnen we niet vinden. Dus lopen we een stevig eindje door. Als we navraag doen helpt een vriendelijke dame ons op weg. Het is een andere lijn die zij ook neemt. Ze zal ons een seintje geven wanneer we eruit moeten. Als ze zelf uitstapt, geeft ze aan dat we de volgende halte moeten hebben. Dat blijkt te kloppen, we zitten weer aan de achterzijde van de Sint Pieter. Kopen gauw een paar souvenirs, stuk goedkoper dan in het centrum en lopen in 7 minuten weer naar het station. Het is spitsuur, dus de trein zit overvol. In het hotel even rustig douchen en omkleden. We hebben geen puf om ergens anders te gaan eten. Niet dat het nodig zou zijn, het is hier gezellig en lekker.

Als we gewend zijn aan de luidruchtigheid van de Italianen is dat ook best gezellig. Naast ons een lange tafel met zo’n 25 personen. Het lijkt op een verjaar-dagsetentje. Wij praten tijdens het eten, zij eten tijdens het praten. In een zijzaaltje is ook een etentje aan de gang.

Wij worden niet vergeten en krijgen alle aandacht. De meeste tafeltjes in het restaurant zijn bezet.

Er zijn ook een man of 5 van een Italiaans professioneel motorraceteam.

 

zondag 4 september strand

 

We gaan er een rustig dagje van maken en ontbijten wat later. De meeste gasten zijn al weg. Een Engels echtpaar krijgt van ons wat tips met betrekking tot de trein naar Rome.

Vandaag gaan we een paar uurtjes naar het strand. Op ongeveer 35 km van ons hotel, inde buurt van Ladispoli, parkeren we langs een weg. Een agave bloeit. Lopend langs een strandtent komen we bij de zee. We willen graag op onze handdoeken op het zand liggen maar dat is hier niet toegestaan. Verplicht een ligbed en parasol huren vinden we zonde van het geld. Zover we kunnen zien staan er ligbedden. Verderop zou een stuk strand zijn waar je zo kunt liggen. Uiteindelijk een stuk gevonden. Niemand blijkt behoefte te hebben dit te onderhouden. Het afval is al een paar dagen niet opgehaald, maar we vinden een schoon stuk.

De meeste tijd brengen we in het water door. Even zonnen en gauw de auto in. Airco!! Na een kleine 10 minuten zien we een leuk restaurantje met een heerlijk zitje onder de pijnbomen. Uitgebreid genieten we van de lunch bestaande uit zoete koek en verse broodjes. Bij het hotel lopen we eerst nog even naar het station om alvast weer treinkaartjes voor de volgende dag te halen. In het hotel nemen we een paar uurtjes rust, mailen nog wat en rijden naar het stadje Bracciano om het kasteel (castello Odescalchi) te bekijken. Onderaan de kasteelmuur opent een pizzeria net zijn deuren (en terras). Tijdens het eten horen we in de verte muziek. Eerst het verlichte kasteel fotograferen en op naar het marktplein. Er is een klein marktje en een podium waarop een zangeres ondersteund door een keyboard haar stem laat horen. Het klinkt heel goed zodat we een tijdje op een bankje zittend blijven luisteren. In het donker vinden we, slingerend door de vele bochten, onze weg terug naar het hotel. Af en toe ingehaald door een scooter.

Op het nieuws zien we beelden van een man die met een moker de beelden van de Trevifontein bewerkt.

 

maandag 5 september Rome

 

Opnieuw vroeg opstaan. Een verdere kennismaking met Rome staat op het programma.

Ottavio en zijn vader zijn weer bij het ontbijt. Nog even haasten om de trein te halen. We stappen uit bij station Valle Aurelia. Hier kun je overstappen op de metro, lijn A. Na 1 minuut wachten staan we in de metro.

Trevifontein

Richting Trevifontein. We gaan niet helemaal tot station Baberini vlak bij de fontein, maar stappen uit bij station Repubblica zodat we ook nog wat van de stad kunnen zien. Buiten zien we een grote fontein in het midden van rondrazend stadsverkeer. We vragen de weg en via een winkelstraat komen we in de juiste richting. Via een lange tunnel komen we bij de wegwijzer Trevifontein. Ook hier weer behoorlijk druk. Van beschadigingen zien wij niets. Mogelijk zijn een paar beelden weggehaald. Twee politieagenten houden de wacht en hun felle fluitjes snerpen geregeld als een toerist het waagt op de rand bij de beelden te gaan zitten. We krijgen meerdere malen een fototoestel in onze handen gedrukt om stelletjes bij dit romantische tafereel van de fontein te vereeuwigen.

Tegenover de fontein is een kerkje. We gaan hier niet naar binnen omdat we er niet op gekleed zijn.

Menige toerist overtreedt hier de ongeschreven regel. Vanaf het plateau voor de kerk heb je wel een mooi overzicht over de hele fontein. Lopend richting Spaanse trappen, waarbij ons richtingsgevoel ons wel een beetje in de steek laat, zien we in een zijstraatje een paar leuke terrasjes. Obers proberen de wandelaars over te halen juist voor hun terras te kiezen. We kijken op de uitgestalde menukaarten en kiezen het 2e restaurant met een terras. Af en toe moet degene die aan de straatkant zitten wat inschuiven om een passerende auto ruimte te geven. Het eten is prima, de toiletten in de kelder zijn daar en tegen nodig aan renovatie toe. De ventilator op het terras, sproeit ook water. Herhaaldelijk wordt er bijgevuld met grote flessen water.

Spaanse trappen

Het zorgt wel voor de nodige verfrissing. De Spaanse trappen zijn niet zo heel ver meer. Een beetje meewarig kijken we naar boven. Is dit nu alles? Rechts op de trap zitten toeristen in de schaduw. Politieagenten letten erop dat op de trappen niet wordt gegeten. Dit is sinds 2010 verboden. Een stelletje dat nonchalant een paar broodjes uit een tas haalt wordt op z’n Italiaans terecht gewezen.

Bovenaan de trappen zitten tekenaars zoals je ze in elke grote stad tegenkomt. Het blijft toch knap hoe ze in korte tijd iemand met wat krijtstreepjes vastleggen. Het is te warm om er lang bij stil te blijven staan. We gaan lopend richting Borghese tuin/park. (met de metro station Flaminio) Af en toe stilstaand om het uitzicht over Rome te bewonderen. In een rijtje staan 5 kerken. Net zoals in het boek De Davinci Code van Dan Brown.

Bij het hoogste uitzichtpunt worden we weer gevraagd foto’s te maken. Een Nederlands stel dat de camera op een kleine 3 poot op het zadel van een fiets probeert op te stellen maakt ook van ons aanbod gebruik.

Het park is groot en er staan veel beelden. De meesten hebben echter een (grote) beschadiging aan het hoofd en/of ledematen. Planten bloeien er in deze periode van het jaar niet. Het is vooral veel groen. Dit rustpunt in de Romeinse hectiek wordt blijkbaar veel bezocht door jonge stelletjes. Door het gehele park zie je liefkozende jongens en meisjes. Er zijn wat kraampjes voor versnaperingen. Ook kun je er diverse soorten fietsen huren om het park mee rond te toeren. Verderop is een grote vijver waar roeiboten gehuurd kunnen worden. Onze Capitoolgids geeft aan dat er eind 90’er jaren geld beschikbaar is gekomen voor renovatie van de tuin. Wat er mee gedaan is, is ons niet bekend maar het is in iedergeval niet gebruikt om de tuin op te knappen. Het staat er verdrietig bij. We hebben geen zin hier langer te blijven. De hitte eist zijn tol.

Via een plattegrond zoeken we de kortste weg naar de uitgang. We komen langs de ZOO. Bij de uitgang vragen we aan de politie de dichtstbijzijnde metro. De ingang is inderdaad dichtbij maar we moeten lange gangen door voordat we echt op het perron zijn. In een paar stops zijn we weer op het treinstation waar we begonnen zijn. We weten welke trein we moeten hebben (richting Vigna di Valle) Het is 17.15 uur. Niet verwacht maar we zitten weer in de spits. De trein zit propvol.

Thuis montert Ottavio ons met zijn hartelijkheid weer op. Even opfrissen en dan… ja weer aan tafel.

 

dinsdag 6 september rond het meer van Bracciano

 

Na de inspanning van gisteren weer een rustig dagje. Na ruim tijd voor het ontbijt pakken we de auto met als doel rond het meer van Bracciano te rijden. de route loopt tegen de klok in. We stoppen bij een klein strandje om wat foto’s te maken. Een Italiaanse familie is bezig een uitgebreide picknick met bbq op te zetten. Een statige dame vleit zich achter het riet en wacht tot we weg zijn. Hier kun je ook kano’s huren.

De route tot aan Trevignano Romano is niet zo spannend. Er zijn wat Nederlandse campings. In een zijstraatje aan de Noordzijde van het meer parkeren we. Langs een pas aangelegde boulevard lopen we richting dorp. Er is een zomermarkt. Heel gezellig. Hier zijn veel zeilboten op het meer. We nemen een paar smalle straatjes in het historische centrum.

We vinden een mooi terras bij restaurant Grotto Azuro. We nemen uitgebreid de tijd om hier wat te eten. Met als toetje: ijs in een sinaasappel of in een halve kokosnoot. Slenterend langs de kraampjes worden wat sieraden voor de (schoon) dochter aangeschaft. De verkoper heeft van kranten handige inpakzakjes gemaakt.

Hoewel we in het laatste parkeervak stonden in een rij kregen ze het toch voor elkaar ons klem te zetten. Op z’n Italiaans parkeren we uit en vervolgen onze route om het meer. In het hotel spreken we een groepje Nederlandse motorrijders. Een vriendenclub laat één keer per jaar hun vrouwen thuis en toert samen op de motor door Europa.

 

woensdag 7 september Tivolli Villa D’esta

 

Na het ontbijt rijden we in 45 minuten naar Tivolli dat aan de Oostkant van Rome ligt. Het laatste stuk is een smal bergweggetje. Later bleek dat als je het dorp van de andere kant benadert, de weg wel vrij normaal is.

Parkeren is nog wel een dingetje, het is behoorlijk druk. We parkeren in Italiaanse stijl op Piazza Giuseppe Garibaldi. 5 minuten lopen van de ingang van de tuin. De tuin is werkelijk prachtig en zeker door de vele fontijnen een echte aanrader. Veel bloemen tref je er niet aan. Het is meer een landschapstuin. We nemen uitgebreid de tijd. Zitten even lekker aan een van de grote vijvers. Een Nederlands stel wordt nog even op de foto gezet. Bij thuiskomst hebben we een e-mail van hen, of we hun reisgids soms hebben gevonden. Spijtig genoeg voor hun is dit niet het geval. Als we de tuin uit zijn nemen we op een terrasje er direct tegenover wat te drinken. De menukaarten zijn in het Italiaans en Russisch. Natuurlijk even vragen naar de reden hiervan. Volgens de eigenaresse komen hier heel veel Russen. Toeristen met geld die het gebied rond Rome ontdekt hebben.

Als we naar de auto lopen kijken we nog even de heuvel af en verbazen ons over de enorme hoeveelheid afval dat hier op de heuvel ligt. Toeristen gooien dit blijkbaar van zich af en niemand neemt de moeite het op te ruimen. Heel vreemd, en dat vlak bij die mooie tuin.

We spreken weer af om in het hotel te eten. De bediening maakt het weer gezellig en het eten is prima.

Voor ons doen gaan we laat naar bed.

 

donderdag 8 september Anguillara Sabazia - Gragnano

 

Een reisdag, we gaan ons verplaatsen naar een stadje onder Napels, Gragnano. Niet via de autostrada maar via de weg langs de kust.

Een lange brede weg die af en toe onderbroken wordt door een pas aangelegde rotonde. Het wegdek is slecht. Maximum snelheid is 90 km en op de meeste plaatsen een inhaalverbod. Hier blijkt dat we een ander stukje Italië zijn binnengereden. Er heerst duidelijk een andere wegmentaliteit. We zijn bijna de enige die zich redelijk aan de maximumsnelheid houd om over het inhaalverbod (borden/doorgetrokken streep) maar niet te praten. Dit wordt zo'n beetje door elke Italiaan genegeerd. In mijn achteruitspiegel zie ik op een gegeven moment 3 auto’s naast elkaar rijden, die mij willen inhalen, terwijl ik aan de binnenkant ingehaald wordt door een scooter. Verderop rijd ik achter een vrachtwagen die wel 90 km.rijdt. Ik blijf erachter. Een vrachtwagen die misschien al 15 km achter mij rijdt op enkele honderden meters, begint ineens vlak achter mij te toeteren. Ik zou op moeten schieten. Ik ga zoveel mogelijk rechts rijden en de vrachtwagen begint zijn inhaalactie alle verboden negerend.

Een dergelijke rijstijl kan niet zonder gevolgen blijven. Achtereenvolgens passeren we een net gebeurd ongeval met een motorrijder. Politie aanwezig, stil ligt hij te wachten op de ambulance of mortulance. Paar km verderop politieauto’s. Een gehavende scooter ligt in de berm. De situatie wordt met geel krijt uitgetekend. De bestuurder is al afgevoerd. En als laatste deze dag blokkeert een vrachtwagen, die geen voorrang had verleend aan een van rechts komende personenauto, onze doorgang. Hier alleen grote blikschade. De bestuurster staat luidt bellend en gebarend om hulp te bellen. We kunnen er nog omheen rijden.

uitzicht op Vesuvius

Het valt ons op dat hoe dichter we bij Napels komen de hoeveelheid afval langs de weg steeds groter wordt.

Een enkele keer gaan we van de hoofdweg af en volgen de bordjes “Marina” in de hoop een mooie plek te vinden waar we even kunnen stoppen. Die vinden we niet echt.

De druivenpluk is begonnen. Op de weg rijden grote boerenkarren vol druiven richting fabriek.

De route leidt rond Napels via een klein stukje tolweg (€ 2,00). We zien de Vesuvius en rijden bij Pompei de snelweg af.

Ons hotel (hotel Parco) is snel gevonden. Het heeft een eigen parkeerplaats die voor auto’s te bereiken is via een weggetje dat langs de ingang loopt. Ook hier een behoorlijke knik in het wegdek waar we met onze laagliggende auto niet zomaar overheen komen (ervaring heeft ons geleerd dat als we de dames eruit zetten incl. bagage, de auto meer dan genoeg uit de veren komt om het obstakel te slechten. We parkeren de auto onder een afdakje, uit de zon. Hier blijkt ook een aparte ingang voor bussen te zijn.

Bij de receptie (Engels sprekend) legt de man direct uit dat er iets is misgegaan. (we hadden zoals altijd om 2 kamers naast elkaar of in iedergeval op dezelfde verdieping gevraagd bij de boeking) Er waren wat onderhoudswerkzaamheden aan een kamer zodat deze pas morgen beschikbaar was. Een kleinere kamer maar met 3 bedden op een andere verdieping. Met korting voor de overnachting. Voor ons geen probleem.

Later blijkt dat er naast ons gewoon in de kamer naast ons een Frans stel zit dat bij de busgroep hoort.

Het hotel heeft een mooi aangelegde tuin met zitjes. Achterin in de tuin een soort grote open tent met tafels en kroonluchters. Een aantal mannen is bezig de tafels sierlijk te dekken. We vragen of we de dinerkaart mogen inzien. Hoewel ‘de baas’ een aantal woorden Engels spreekt kijkt hij ons onverklaarbaar aan.

Ondertussen komt de Franse groep aangelopen en vult de tent. De baas begrijpt dat wij ook willen eten. Dat kan, er is geen keuze menu. Eten wat de pot schaft. Het enige wat hij weet te vertellen is dat het vis is.

Als we willen weten wat dat kost, we blijven Nederlanders, doet hij navraag in de keuken. € 18 per persoon voor alles. We wagen de gok en zonder problemen wordt een nieuwe tafel voor ons bijgeplaatst. De flessen water en brood komen op tafel. Witte en rode wijn wordt opengetrokken. We doen maar mee. Na een voorafje salade met in ringen gesneden harde stukjes inktvissenpoot en garnalen, wordt het eten opgeschept. Het smaakt de meeste van ons. Daarna wat gegil vanuit de groep. Grote schalen met gekookte/gebakken? inktvissen komen langs.

Een vrouw aan een tafel naast ons drapeert het beestje met uitgestrekte armen (de inktvis) op het bord om een foto te maken. We zijn niet de enige die gruwelen. Twee van ons zijn dapper, ik zou zeggen: “ geef mij portie maar aan Fikkie”. Nou was Fikkie er niet dus waar ze hem gelaten hebben? Daarna rijst met vis. We laten ons voor een 2e keer opscheppen ons nog afvragend of de wijn ook in de prijs zou zitten.

Het is al aardig donker, het licht van de kroonluchters gedimd en kaarsen maken het sfeervol.

De Fransen laten nog een extra flesje aanrukken. De 2 reisbegeleidsters gaan al eerder naar hun kamer. Eentje zit er, aan haar gezicht te zien, behoorlijk doorheen. Op een tafel net buiten de tent staan hoge glazen opgesteld. Kaarsen worden aangestoken en flessen ontkurkt. Voor een ieder blijkt een klein glaasje champagne ingeschonken te zijn.

De lange dag en de wijn hebben zijn invloed gehad. We slaan de champagne over.

Aan het eind van de gang op onze verdieping is een deur naar een dakterrasje. Vandaar uit een mooi uitzicht over het verlichte stadje met links de zee en recht tegenover het silhouet van de Vesuvius.

 

vrijdag 9 september Pompei

 

Pompei

Omdat we niet weer met een bijzonder diner verrast willen worden vragen we bij het ontbijt al naar de dinerkaart. Deze blijkt niet te bestaan. Het is nog niet bekend wat de pot vanavond schaft. Dat maakt de keuken ‘s middags pas bekend. We verwonderen ons er nogal over; hoe zou dit gaan met inkoop en planning?

Ons zelfgemaakt programma leidt ons eerst naar Pompei.

Volgens de receptie 10 minuten rijden. We doen er bijna 30 minuten over, dus onze rijstijl zal wel anders zijn. Het huidige stadje Pompei is chaotisch en rommelig. We zoeken een parkeerplaats bij een schreeuwend groot bord en een wenkende parkeerwacht. Het kost wel wat maar dan sta je wel vlak bij de ingang van het terrein. Nog op het parkeerterrein worden we langs een winkeltje en restaurant geleid. We krijgen de mededeling dat als je hier eet, het parkeren gratis is. We volgen de borden en na een kleine 8 minuten lopen, licht de heuvel op, zijn we bij de ingang.(Scavi di Ercolano) Het is al druk. De entree bedraagt € 11 per persoon (prijs 2011). Schreeuwende gidsen proberen in vele talen hun klanten binnen te halen. Al snel lopen we door de historische overblijfselen van het stadje. Het is er bloedheet, minstens 34 graden. De bouwsels worden ‘ontsiert’ door de vele toeristen die in fel gekleurde kleding alles van dichtbij willen bekijken. Foto’s maken zonder al te veel mensen is een uitdaging. We waaieren wat uit over het plein. We raken een persoon kwijt.

De afspraken die gemaakt zijn hoe te handelen in een dergelijke situatie blijken toch niet duidelijk genoeg. We zoeken op een paar pleinen.Na enige twijfel beginnen we toch onze rondgang door de resten van wat eens een drukke stad geweest moet zijn. We komen elkaar vast wel weer tegen. De temperatuur is hier bijna niet om te houden. Er zijn waterpunten om de fles te vullen. Er zijn plekken in de stad waar grote groepen/busladingen toeristen lopen. En er zijn stille straatjes.

Een aantal keer gaan we de huizen in om muurschilderingen te bekijken. Een enkel huis is gerestaureerd zodat je een goed beeld krijgt hoe het water opgevangen werd op het dak zodat het gebruikt kan worden. Via het stadion en wijngaard lopen we richting uitgang. Onderweg zien we enkele afgietsels van bewoners die overvallen zijn door de uitbarsting. Het ziet er macaber uit. Het geeft ook een ongemakkelijk gevoel om daar als een toeristische attractie naar te kijken.

Bij de uitgang vinden we onze ‘verloren zoon’ weer terug.

Op straat kijken we even bij de vele souvenirstalletjes. Opdringende verkoopsters proberen hun waar aan de man te brengen. Voor ons te opdringerig. Bij het restaurant, waar we wilden eten, werden net een paar busladingen toeristen uitgelaten. Niet doen dus. We hadden nog een aanbieding bij de parkeerplaats op zak. We proberen te berekenen of we aan het minimum te besteden bedrag komen om gratis te kunnen parkeren. Een Nederlander, die ons gesprek hoort, zegt dat het geen probleem is; “daar kijken ze niet naar”.

Hier bleek de Zuid Italiaanse manier van zaken doen maar weer. De aanbieding ‘geen parkeergeld bij diner’ bleek ineens veranderd in een minimaal te besteden bedrag van 45 euro, in het Engelstalig gedeelte van de aanbieding, 40 euro. Voor het couvert en bediening werd apart een bedrag in rekening gebracht. We moesten maar 4x cappuccino erbij nemen dan kwamen we aan het bedrag. Volgens onze berekening zaten we er al boven. We vragen wat dan het totaalbedrag is volgens hun. Er volgt onderling overleg tussen de obers. De ober blijkt ineens slecht Engels te spreken en ‘begrijpt’ ons niet. We krijgen geen bedrag te horen. Ineens begrijpen wij hen ook niet; we bestellen niets extra’s. De sfeer wordt dan enigszins ongemakkelijk. We moeten lang op het eten wachten en ook voor het afrekenen wil niemand komen. We gaan naar de kassa. Het bedrag is hoger dan 50 euro zoals we verwacht hadden. Maar goed dat we niks onnodig bijbesteld hebben. We krijgen eerst geen stempel voor onze ‘gratis parkeerkaart’.Nu volgt een uitleg het bedrag exclusief couvert en bediening is te laag. Nu wordt het een sport; wij gaan niet voor het parkeren betalen! Een beetje luid in het Nederlands praten, gebaren en proberen boos te kijken. Het helpt. We krijgen de stempel en hoeven geen 16 euro parkeergeld te betalen. Het geheel had achteraf wel iets grappigs, maar helaas levert het dit restaurant (Parking I due Cesari) geen aanbeveling op in dit verslag. Op tripadvisor staan een aantal soortgelijke negatieve reviews.

Het lijkt een officiele parkeerplaats ondermeer door het enorme bord parkeerplaats, maar het is een restaurant met nevenverdiensten. Voor dichtbij parkeren een goede locatie. Eten is er duur en niet bijzonder. Ook het minimum bedrag om gratis te kunnen parkeren wordt zomaar verhoogd. Personeel onvriendelijk.

Herculaneum

Het is een uur of 2 als we bij Pompei de Autostrada A3 (Napels/Salerno) oprijden. (2 euro in het bakje) Na een paar km nemen we de afslag Ercolano. ( Herculaneum). Er is een parkeerplaats voor bussen die op 2 bussen na leeg is en een parkeergarage voor personenauto’s. Entree voor Ercolano is € 11, - per persoon (2011). Als je vooraf weet dat je zowel Pompei als Herculaneum gaat bezoeken, dan kun je beter een combi ticket kopen voor € 20, -. Deze biedt namelijk toegang tot vijf plaatsen, waaronder Oplontis, Stabia en Boscoreale en is 3 dagen geldig. Herculaneum is op een soortgelijke manier aan zijn eind gekomen als Pompei. Werd Pompei bedolven onder as, de bewoners van Herculaneum werd verrast door giftige dampen. Ze hebben geprobeerd hun toevlucht te zoeken in een naast de stad gelegen grot, daar zijn dan ook veel lichamen gevonden. Doordat het stadje niet is bedolven is, is er veel meer van de huizen bewaard gebleven dan in Pompei, muurschilderingen, maar ook daken. Zwartgeblakerde dakbalken.

Er zijn nog geen 20 bezoekers op dat moment zodat we alles goed kunnen bekijken.

De zon is al aan het ondergaan als we richting hotel rijden.

In het restaurant vragen we wat er die avond op het menu staat. De ober gaat het vragen in de keuken en komt terug met een papiertje waar 3 voorgerechten, hoofdgerechten en toetjes. We zijn eigenlijk best moe en besluiten het nog maar een keer op te wagen.

Tegen 20.00 uur gaan we naar het restaurant waar het helemaal donker is. Terug naar de receptie. Die bellen naar het restaurant. Als we daar terugkomen hebben ze net de lichten aangedaan. We krijgen de indruk dat ze liever geen gasten hebben vanavond. De ober is echter uitermate vriendelijk. Dan komt er een stel van tegen de 40 jaar. Hij vrij stevig, in spijkerbroek en wit T-shirt met diverse prints. Zij superslank in chique jurk en met juwelen. Ze zitten tegen-over elkaar maar er wordt geen woord gewisseld. We hebben het idee dat ze Russisch zijn. Wij zijn nog met het toetjes bezig als ze willen vertrekken, ze willen afrekenen. (gebruikelijk is dat je het op de nota van het hotel laat zetten) De ober probeert hem te overtuigen, nee hij heeft geen creditkaart en wil contant betalen. Hij pakt een bundel bankbiljetten uit zijn broekzak. Het zijn alleen maar 500 euro biljetten. De ober vraagt of hij het kleiner heeft. Demonstratief telt hij ze uit en wij tellen mee, in iedergeval meer dan 20 biljetten van € 500,-. Uit de paar Engelse woorden die gewisseld worden blijkt hij ook nog in het bezit te zijn van dollars of roebels. De hotelmanager wordt erbij gehaald. Of hij morgen bij het uitchecken wil betalen? Nee, hij staat erop om nu te betalen. Er zal iemand moeten komen met de kluissleutel anders kan er geen geld teruggegeven worden. Later zien we het stel bij de receptie, ze staan te zuchten en te kreunen.

 

zaterdag 10 september vulkaan de Vesuvius beklimmen

 

We schuiven wat later aan de ontbijttafel. Een bus met gasten is al weg en het meeste van de ontbijttafel ook. Mondjesmaat wordt er aangevuld, maar de keuze blijft wel heel beperkt. Koude koffie.

We gaan vandaag de Vesuvius bezoeken. Vanuit het restaurant zitten we bij een open raam en met een blik op de vulkaan. Het Russische stel komt ook binnen. Zwijgend eten ze iets en verdwijnen weer.

krater Vesuvius

Wij gaan op pad en rijden de inmiddels bekende route richting Pompei. Daar draaien we richting tolpoort van de snelweg richting Napels. Uit ons eerder bezoek weten we dat we 2 euro in het bakje moeten gooien. Er staat een jonge man bij de automaat die vriendelijk ons het poortje binnen zwaait. Volgens hem moeten we een 20 euro biljet in de automaat doen. Zouden er toeristen zijn die hier in trappen?

Je kunt inderdaad met biljetten betalen waarna het wisselgeld in een bakje valt. De vraag is dan alleen wie het wisselgeld eerder te pakken heeft: hij of ik? We laten hem maar praten en gebaren en gooien 2 euro in het bakje.

Aan de rechthand zien we de Vesuvius en als we hem bijna voorbij zijn volgen we de afslag. Bordjes geven de richting aan. We slingeren de weg naar boven. Een Italiaan in een Fiat Panda rijdt stapvoets. Net als onze voorganger gaan we hem op een recht stukje weg toch voorbij. In een bocht blijkt een kantoortje te zitten waar de toegangskaartjes gekocht kunnen worden. Beetje vreemd punt zo in de bocht. Parkeren langs de kant van de weg. Na het kopen van de kaartjes is het nog een paar honderd meter naar een ‘echte’ parkeerplaats. Het is weer een warme dag. De controleur bij de ingang wenst ons een goede dag en verteld dat het 15 minuten naar de top is. Rustig beginnen we aan het slingerend zanderige pad. Een klein autootje komt ons tegemoet en stopt regelmatig. De bestuurder struint de bermen af naar afval dat door de toeristen is weggegooid. Vooral veel lege plastic flesjes. Een hagedisje is gewend aan de bezoekers. Hier en daar bloeit een dapper bloempje. Bijna op de top staat een verkoopstandje. We kopen er een paar postkaarten en ze worden gestempeld met een afbeelding van de Vesuvius. Na 45 minuten, we hebben wel geregeld stilgestaan om te fotograferen, bereiken we de kraterrand. De krater lijkt niet zo diep en is alleen gevuld met as/zand en rotsen. Een kratermeer ontbreekt. Vanaf de kraterrand heb je een mooi uitzicht over Napels en de Middellandse zee. Een kleurig afbeelding van Maria siert een groot stuk rots. Je kunt niet rond de kraterrand lopen, maar alleen voor de helft. Aan het eind van het pad op het hoogste punt is opnieuw een kraampje. Vandaar een uitzicht over de Amalfische kust, Pompei en Herculanum (als je ze weet te vinden). We nemen ruim de tijd om van het uitzicht te genieten. De afdaling doen we in een rustig tempo. Puffende en hijgende tegenliggers in de zon die inmiddels op zijn hoogste punt staat te branden. Er is geen schaduw. Bij de parkeerplaats trakteren we ons zelf op een ijsje. Een ambulance staat met de deuren open te wachten op de eerste klanten. De chauffeur doet een dutje op een houten bank. In onze auto gaat de airco weer op maximaal. Rustig dalen we weer af. Onderweg maken we nog een uitstapje naar een onderzoekscentrum. De masten staan er nog wel, maar de gebouwen zijn verlaten en vervallen. Volgens de reisgids moet verderop ook nog een mooi uitzichtspunt zijn. We dalen nog wat af en komen op een grote parkeerplaats waar nog 2 andere auto’s staan. Er is ook een gebouwtje waar etens- en drinkwaren verkocht worden. Hier zien we een jong Nederlands stel dat 2 uur gereden heeft van een camping net boven Rome. Hij vindt het hier allemaal wel mooi. Zij vindt de camping saai, er staan alleen maar Italianen. Ze vragen hoever het is naar de top en hoe het lopen gaat. Op haar goudkleurige teenslippers gaat ze op zoek naar een toilet. Als ze later wegrijden en nog wel vriendelijk zwaaien spreken hun gezichten boekdelen. Hij wil naar de top, zij wil naar huis.

uitzicht vanaf Vesuvius

Wij gaan ook naar ‘huis’. In het hotel gaan we lekker even 1,5 uur niks doen. De airco werkt weer niet, maar met een vakkundige slag op de meterkast begint hij weer tevreden te zoemen.

Als we uitgerust zijn stappen we weer in de auto en gaan een eindje langs de Amalfische kust rijden met de bedoeling daar ook wat te gaan eten. Een smalle kustweg slingert zich omhoog tussen aan de ene kant de rotsen en de andere kant de zee. We stoppen bij een parkeerplaats langs de weg. De oranje gloed van de ondergaande zon glinstert op de zee. Een veerboot vindt zijn weg naar de haven. Achter ons een lint van stijgend en dalend verkeer. Toeterend komen 4 auto’s aangereden die gewoon dubbelparkeren en ons klem zetten. Een bruidspaar met wat gevolg heeft plannen om daar foto’s te maken. We kijken het even aan, maar er gebeurd weinig. Het enige dat ons opvalt, is dat het groepje opgedeeld is in vrouwen en mannen. We vragen ons af wie nu eigenlijk de bruidegom is.

Als we richting auto gaan komen we langs het bruidje en haar vriendinnen. Ze willen op de foto. We maken een paar foto’s. Een man legt in het Italiaans uit wie ze is. Verder dan dat ze een prinses uit Napels is komen we niet. De man is vriendelijk en begrijpt dat wij graag met onze auto eruit willen. Hij rijdt hem even netjes aan de kant. Wij voegen op Italiaanse wijze in, in de verkeersstroom. Een beetje doordrukken, want niemand stopt. Verderop stoppen we nog 2 keer om van het mooie uitzicht te genieten.

Dan komen we door een dorpje. Boven de weg hangen allerlei soorten verlichting. Het lijkt wel kerst. Waarschijnlijk is dit een evenement dat met de kerk te maken heeft. We draaien de kustweg af op zoek naar een restaurantje. We rijden wat rond als we een klein terrasje langs de weg zien van een pizzeria. Traditioneel en niet toeristisch. Een uitermate vriendelijk meisje dat ook Engels blijkt te spreken, begroet ons. Het restaurantje heeft het ook druk met afhalers. Een goed teken. Het eten is ook uitstekend. En het is al lang donker als we weer in onze auto stappen. De TomTom leidt ons door de wirwar van kleine straatjes. Op de kustweg rijden we onder de felverlichte versiering door. De kerk gaat net uit. Komend uit een tunnel missen we de afslag naar ons hotel. We moeten zeker 10 km doorrijden om weer te kunnen keren.

 

zondag 11 september Gragnano - Sant'Ambrogio di Valpolicella

 

Dit wordt een lange reisdag richting Gardameer.

Dus vroeg op. Voordeel is dat het ontbijtbuffet bijna nog niet aangeraakt is. De koffie is weer lauw, hoe krijgen ze het voor elkaar. (de vorige avond al gezet?)

Bij de receptie rekenen we af. We willen met de creditkaart voor de 2 kamers betalen. We krijgen keurig een uitdraai voor de ene kamer. De andere nota is een handgeschreven velletje. Hoe zal dat de boeken ingaan? Of juist helemaal niet. Achter de receptie is wat discussie over de nota voor het eten. Ze vragen hoeveel keer wij diner gehad hebben. Ze rekenen overal 15 euro per persoon: wat ons betreft prima. De locatie van het hotek ten opzichte van de plaatsen die we wilde bezoeken was uitstekend. Het hotel zelf was matig.

uitzicht vanaf ons balkon

Bij Pompei draaien we de snelweg op. Voorbij Napels overgaand in de autostrada. Het valt ons op dat hier weinig afval langs de weg ligt. Zeker schoon gehouden voor de toeristen. De reis gaat voorspoedig behalve bij xxx daar rijden we af en toe in de file. Kost ons ongeveer 40 minuten. We stoppen met regelmaat. Bij Verona gaan we de snelweg af. Tussen wijngaarden rijden we de heuvel op. Moeten nog even een haakse bocht maken met een grote knik in de weg waarbij onze volgeladen auto nog even over het wegdek schuurt. Ons hotel (B&B) San Giorgio di Sant’Ambrogio ligt langs de weg waar slechts een enkele auto passeert. De parkeerplaats is ruim en biedt al een uitzicht over de vallei. Binnen worden we begroet door de zeer vriendelijke en goedlachse Gabrielle. Het laat ons onze kamers zien. We boffen. We krijgen de enige kamer op de verdieping met een balkon. Het ziet er allemaal prima uit. Als we de koffers uit de auto halen, staat een vriendelijke dame ons te wenken. Er is nog een andere ingang waarbij je direct bij de lift komt ook handig.

De B&B verzorgt zelf wel het ontbijt. In het zelfde gebouw maar niet van dezelfde eigenaar zit een restaurant. (Ristorante La Divina,) We gaan hier ‘s avonds eten. Heerlijk op een groot terras, er wordt ons gevraagd of we de bloemen of kaarsen op onze tafel willen hebben. Het menu is ook in het Engels. De vriendelijke gastheer geeft graag uitleg. Wat willen we drinken. Na zo’n dagje toeren willen we eerst wel een biertje. Volgens mij heb ik nog nooit iemand zo verongelijkt zien kijken. "Bier"? Vraagt hij geschrokken. Hoe kunnen we nu bier drinken terwijl we hier in een van de beste wijngebieden van Italië zitten. Laura wordt erbij gehaald. Laura gaat over de wijn. We krijgen uitleg over de diverse soorten wijn en laten ons verrassen.

Aan tafel ontspint zich een leuk wijnritueel. We kijken hoe Laura de fles professioneel ontkurkt, de kurk in het ijzer langs de fles draait. Ze schenkt een kleine hoeveelheid uit de fles, waarna ze de wijn in 3 glazen overschenkt en uiteindelijk ter keuring aanbiedt.

Het eten is echt verrukkelijk. De hele sfeer is geweldig. De lichtjes van Verona glinsteren in de verte. Het terras zit aardig vol. Laura herhaalt bij elke tafel het wijnritueel.

Het is al laat als we naar onze kamer gaan. We houden deuren en ramen nog dicht omdat het buiten niet wil afkoelen. Het is nog 25 graden. De airco doet zijn best.

Om half 5 worden we al wakker van de warmte. De balkondeuren gaan open en we gaan even lekker zitten op het balkon uitkijkend over de wijngaarden. Het echte vakantiegevoel.

 

maandag 12 september Gardameer

 

Om half 9 staan we op. Ontbijten op het andere terras met uitzicht op de wijngaard van Basciaine Carlo.

Sirmione

Na het ontbijt gaan we richting Gardameer Sirmione. Parkeren net iets buiten het historische centrum, met een max. parkeertijd van 3 uur. (wel gratis) lopen langs de waterkant en drinken wat op een terrasje. Het historische gedeelte is niet heel groot. Je komt er door een smalle poort. Vervelend is hier wel dat er beperkt autoverkeer toegestaan is voor vergunninghouders. Dus af en toe rijdt er een bewoner of een taxi door de mensen massa. We slenteren door de paar smalle straatjes. We zien wat vreemde verkeersborden. Het bord ‘pedibus’ met afbeeldingen van spelende kinderen brengt bij ons een andere associatie dan waar deze voor bedoeld is. Het is te warm om verder naar het uitzichtpunt te lopen. Onze parkeertijd is bijna om dus we moeten toch terug naar de auto. Verwonderd kijken we nog even naar het beeld dat bij de ingang van het stadje staat. Een naakte man die loopt over een naakte liggende vrouw. Wat hiervan de achtergrond is blijft ons onduidelijk. Op de parkeerplaats staat de politie in discussie met een Engels stel. We hebben nog 5 minuten. We rijden nog langs het meer in Noordelijke richting.

We gaan nog even langs bij Punta San Vigilio. we zijn er een paar jaar eerder al geweest. Het ligt 3 km vanaf het plaatsje Garda. De ingang ligt in een bocht. Er is een parkplaats tussen de olijfbomen. Een vriendelijk parkwacht wijst een vrije plaats aan. Parkeren is gratis, een fooitje mag altijd. Een pad voert naar een oude villa die nog bewoond wordt door de oorspronkelijke familie.

Op de punt van de landtong is een hotel/restaurant San Vigilio gevestigd, kamers direct aan het meer. Er is een heel klein ondiep haventje, meer voor de sier. Een kleine pier steekt in het meer. Op de pier tafeltjes van het restaurant. Een lekkere plaats. Geregeld komt er een boot die zijn ankers uitgooit. Een pendelbootje brengt de opvarenden naar de pier zodat zij hier iets kunnen eten en/of drinken.

Het is er niet goedkoop en de gekozen milkshakes waren waterig, maar de locatie maakt het helemaal goed. Deze landtong heeft aan de andere zijde een strandje, voor een bezoek hieraan moet je wel betalen. Het is een kleine 20 km van ons hotel. Morgen weer een druk programma, dus we gaan weer naar het hotel. Daar vragen we de eigenaar Gabrielle, hoe we het beste met de trein naar Venetië kunnen. Hij gaat het voor ons uitzoeken.

Op onze kamers nemen we het er nog even van. Als we een paar uur later gaan eten heeft hij alles uitgezocht. Vanuit Verona gaat een rechtstreekse trein. Er zijn div. tarieven, stoptrein, sneltrein, eersteklas. Hij legt het allemaal uit. De tijden heeft hij al uitgeprint. Op Googlemaps laat hij de parkeerplaatsen rond het station zien.

We zoeken weer een mooi plekje op het terras. We gaan natuurlijk weer voor de wijn. We nemen uitgebreid de tijd en het eten en de sfeer is weer geweldig.

Toch nog redelijk op tijd liggen we in ons bed.

 

dinsdag 13 september Venetië

 

Lekker buiten ontbijten geeft de dag een goede start. We nemen een half uur extra speling om naar Verona te rijden. Vlak bij het centrum rijden we in een file ontstaan door wegwerkzaamheden. Als we dan bij het station geen parkeerplaats kunnen vinden wordt de tijd wel erg krap.

We zien een auto wegrijden en plaatsen onze auto op de opengevallen plaats. Het is geen officiële parkeervak. Meer een vak waar containers in geplaatst worden. De auto staat scheef maar zo staan er hier meer. We wagen het erop en lopen in rap tempo naar het station. Aan de loketten staat een aardige rij. De dames zoeken alvast het perron op terwijl wij ons afwachtend in de rij plaatsnemen. Gelukkig gaat er een extra loket open. Gabrielle heeft precies opgeschreven wat voor kaartje we moeten nemen, dus daar zijn we gauw uit. De kaartjes worden geprint en de lokettist wijst ons nog even op het nummer van het perron. Nog 3 minuten. Om 9.14 uur vertrekt de trein. De trein zit vol, we hebben dan ook geen zitplaats en hangen wat in een halletje waar het behoorlijk warm is. Dat krijg je al je kiest voor de goedkoopste trein (stoptrein zonder airco, Treno ordinario). Retourtje Verona-Venetie kost € 15,00 per persoon. (totaal 240 km) Er zitten veel jongeren in de trein die later in Padova (universiteit) blijken uit te stappen. 3 van ons weten in de tussentijd een plekje te bemachtigen in de coupe, ikzelf een zitje in de hal. Na Padova, voeg ik me bij de rest.

Het station van Venetië ligt direct aan de rand van het stadje. We laten de meeste passagiers voor gaan en kopen wat flesjes water uit een gekoelde automaat. Buiten het station staan we direct aan het water. Bij de Vaporrette (de waterbus) is het erg druk dus lopen we eerst door.

Een kopje koffie is gewenst en dus lopen we al snel een restaurantje binnen via de openstaande pui. Agressief worden we weggestuurd door een ober. ‘Hoe durven we hier binnen te gaan?’. We zijn ons van geen kwaad bewust totdat hij wild gebarend wijst naar een aparte ingang naast de openstaande pui. In een dergelijke zaak willen we ons geld natuurlijk niet besteden en besluiten resoluut te vertrekken. De ober kijkt ons na. Expres pakken we het eerste het beste volgend terrasje. Vriendelijk ontvangst. Vanaf dit terras hebben we zicht op onze vorige belevenis. Er komen weinig klanten. Hoe zou dat komen? Na een heerlijk kopje koffie lopen we links een brede winkelstraat in die we helemaal volgen. Onderweg rusten we weer op een terrasje waar we een broodje eten. We volgen de borden richting Sint Marcoplein, en komen eerst bij de Rialtobrug. De vele toeristen (is het hier ooit rustig?) vergapen zich aan de brug. We bezoeken een toilet waar je voor 1 euro naar binnen mag. Bij een stalletje kopen we mooi gekleurde pasta voor de thuisblijvers. In een smal steegje zien we een gondelier zijn tripje aanbieden. Natuurlijk belachelijk duur, € 100 voor nog geen 40 minuten, maar we zijn met 2 stellen dus delen het leed. Als je in Venetië bent moet je een gondeltocht maken. De Gondelier doet niet echt zijn best om er een informatief tochtje van te maken. Hier en daar roept hij wat korte kreten terwijl hij een ongeïnteresseerd armgebaar maakt. Ach, hij maakt zijn zoveelste rondje en wij kunnen even uitrusten. De 40 minuten zijn zo voorbij. Op het Sint Marcoplein is het enorm druk. Een Japans bruidspaar laat foto’s maken. Het is hier weer 35 graden, eigenlijk geen temperatuur om een stad te bezoeken. We willen weer op tijd terug en de trein van 17.15 uur pakken. (reistijd toch zo’n 1,5 uur).

We kiezen een andere route terug door de smalle steegjes en volgen de borden ’parkeergarage’ waarvan we weten dat deze vlak naast het station ligt. We moeten stevig doorlopen om de trein te halen, maar voor het station is er nog tijd voor een ijsje. We zoeken een plekje in de lange trein. De eerste 5 wagons zijn afgesloten. Een briefje gereserveerd prijkt op de ramen.

Dan volgen een aantal 1e klas wagons. Een klein briefje hier duidt aan dat ze vandaag 2e klas zijn, althans dat begrijpen wij uit het Italiaans. We wagen het erop en zitten bij elkaar in luxe stoelen.

Ook bij de Italianen vertwijfeling. We blijven zitten, een conducteur loopt met briefjes rond. Als de trein vertrekt heeft iedereen de ramen al opengezet. Korte tijd later rast de trein zeker met 130 km richting Verona/Milaan. Van iedereen wappert het haar, zover zij hier van in het bezit zijn, wild. De wind brengt geen verkoeling. In Padova stappen de studenten weer in. In Verona ben ik er niet helemaal gerust op. Zal onze auto er nog staan? Gelukkig is dit wel het geval. Waarschijnlijk is die niet opgevallen tussen de schots en scheef neergezette overige auto’s. Op de terugweg zijn er geen files en 20 minuten later zijn we in het hotel. Een hectisch en veel te kort dagje om veel te kunnen zien.

We douchen en gaan vrij snel weer het terras op voor ons diner. We nemen eerst bier. Dat hebben we wel verdiend. Daarna volgt de wijn. Het eten is weer super. Voor de koffie wil Laura ons aan de Grappa hebben. We hebben geen idee wat dat is en slaan dat vriendelijk af. Laura laat zich echter geen ‘nee’ verkopen en komt met wat glazen, een fles en een brander aanzetten. “Van het huis” we moeten het proeven. Glazen worden verwarmd, Grappa erin en opnieuw wat verwarmd. Laura legt uit dat we eerst diep moeten inhaleren boven het glas. Meer dan 40% alcohol doet zijn werk. We drinken het op, maar bedanken voor meer. Daarbij wordt de opmerking gemaakt dat ze me anders naar de kamer moet dragen. We hebben allemaal het idee dat ze dat niet erg zou vinden. We genieten nog wat na met een kopje koffie. De temperatuur op het terras lijkt niet te willen dalen.

 

woensdag 14 september bezoek aan de wijngaard van Basciaine Carlo

 

We staan wat later op. Of dat komt door de Grappa laten we maar in het midden. We willen er een rustig dagje van maken. Gabrielle kent de eigenaar van de wijngaard waar we tijdens het ontbijt op uitkijken. We kunnen deze wel bezoeken. Volgens hem zijn ze net vorige dag begonnen met oogsten. Gabrielle belt in snel Italiaans. Geregeld, we kunnen komen wanneer we willen. We ontbijten wat langer en rijden naar de wijngaard. De eigenaar Carlo wacht ons al op en vertelt dat we mogen rondlopen en kijken. Straks kunnen we nog proeven. We lopen langs de wijnranken vol met donkerblauw gekleurde druiven. Een 4 tal personen staat met de hand de trossen te plukken. Ze zijn al vroeg begonnen deze morgen en lange rijen kistjes gevuld met druiven staan al op de paden klaar om opgehaald te worden. Er is geen zuchtje wind en de temperatuur tussen de ranken is voor ons bijna ondragelijk. We hebben het te doen met deze arbeiders. Een van de eigenaren demonstreert voor de foto nog een keer hoe het afknippen van de trossen gaat.

De trossen worden verzameld in lage kistjes. Per kistje maar één laag druiven. Met een kleine tractor worden de kistjes verzameld en naar het hoofdgebouw gebracht. Later zullen ze naar zolder worden gebracht waar de druiven eerst moeten indrogen (voor het suikergehalte) In februari/maart wordt er pas wijn van gemaakt. Een paar kittens lopen vrijelijk rond.

In een klein winkeltje waar aan de wanden de historie van de wijngaard verteld wordt, legt Carlo ons nog het nodige uit. Mixen van diverse soorten druiven van verschillende stukjes van zijn wijngaard. We mogen proeven. Ik moet nog rijden dus sla het vriendelijk af. Omdat deze wijn ons in het restaurant heel goed bevallen is schaffen we een klein voorraadje aan om mee naar huis te nemen.

Dan vinden we het wel weer genoeg om op onze kamers nog even een uurtje te rusten. Op woensdag is het restaurant bij het hotel gesloten. In het stadje vinden we een klein restau-rantje. 's Avonds gaan we terug, we zijn weer vroeg en de eerste gasten, we zitten op een binnenplaatsje, dat afgedekt is met sierlijke doeken. Het ziet er eenvoudig uit. De bediening spreekt nagenoeg geen Engels, maar is uitermate vriendelijk. Ook hier bemoeid de eigenaar zich alleen met de wijn, zijn dochter zit in de bediening. Het eten is uitstekend en zeker niet duur.

Het lokale restaurant is zeker aan te bevelen. Ristorante enoteca al Covolo”, PiazzaVittorio Emanuelle 2 37010 Ambrogio di Valpolicella. (Verona) www. Valpolicella.it/alcovolo

 

donderdag 15 september Sant'Ambrogio di Valpolicella - Ede

 

uitzicht vanuit ons hotel

Na van het ontbijtje op het terras met uitzicht te hebben genoten pakken we de auto in en nemen afscheid van de zeer vriendelijke eigenaar. Een hele mooie locatie om te verblijven. Het is toch pas 9 uur voor we wegrijden. Op zich niet laat, maar wel als we vandaag in een keer naar huis willen rijden.

Het duurt toch zo'n 25 minuten voordat we de heuvel af zijn en de snelweg opdraaien. Op de Brenner is het niet erg druk. Gaf de TomTom gisteren bij de voorbereiding nog als meest gunstige route de snelweg via Munchen, vandaag worden we verrast op een route via Fussen Kempten, Memmingen.

Alleen bij Koln staan we een tijdje in de file. Het is half elf ’s avonds als we thuis zijn.

We hebben weer op een aantal bijzondere locaties gelogeerd. Veel mooie dingen gezien, lekker gegeten en natuurlijk mooi weer gehad. Al was het in Rome met ruim 30 graden eigenlijk te warm.

Een volledig fotoverslag van deze reis vind je terug in het album reisfoto's, er zijn verschillende albums. Even naar beneden scrollen (2011).

http://reisfotos.arievanhensbergen.nl/#!home

 

 

 

   natuurlijk licht. Soms snij ik een foto iets bij.